Interview Loek Hermans: Koffie zetten doe je zelf

Terug naar inhoudsopgave.

Interview Loek Hermans - Koffie zetten doe je zelf

Als voorzitter van MKB-Nederland en lid van de Eerste Kamer is Loek Hermans dé vertegenwoordiger van het midden- en kleinbedrijf in Nederland. Zodoende staat hij bovenaan het verlanglijstje van menig journalist en Integrand Magazine had deze keer de eer om hem te interviewen. Als lid van de Raad van Aanbeveling van Stichting Integrand was Loek Hermans graag bereid ons te ontvangen voor een ontspannen gesprek.

Het kantoor van MKB-Nederland is gevestigd op een schimmig bedrijventerrein gelegen aan de snelweg in Delft. We worden ontvangen door een joviale receptioniste. Wij zijn een kwartier te vroeg, maar een van de, naar het zich doet aanzien, drukste mensen van Nederland komt zelfs ruim op tijd binnen lopen.

Zoals gewoonlijk hadden we een ruime vragenlijst opgesteld, maar die kon direct aan de kant: er schoten ons namelijk plotseling heel wat meer vragen te binnen. Hoe kan dat toch? Is hij wel zo druk? Hij heeft het heel druk, maar komt helemaal niet druk over. Na kennismaking betreden we een perfect opgeruimd kantoor en zijn spullen zijn netjes uitgestald. Het interview kan eventueel zelfs nog iets uitlopen, geen enkel probleem. Hoe doen deze mensen dat toch?

 

Wij van Integrand Magazine willen er graag achter komen wie deze man nu eigenlijk is en hoe hij de kloof tussen studie en praktijk heeft gedicht. Het interview wordt ons makkelijk gemaakt, Loek Hermans begint met koffie in te schenken en vraagt vriendelijk wat wij willen drinken? Geheel binnen de sfeer zegt hij: “Het is het MKB, dus je moet alles zelf doen…” Om meer inzicht te krijgen in deze man, vragen we hem naar zijn school- en studietijd en hoe hij in de politiek verzeild is geraakt.

School, studie en politiek

Loek Hermans vertelt hoe hij voor het eerst met het liberalisme, en zo stiekem ook met de politiek, in aanraking kwam. “Geschiedenis was mijn lievelingsvak. Toen ik 14 jaar oud was, zat ik op een internaat in Zuid-Limburg. Mijn leraar geschiedenis vertelde een verhaal over de Verlichting en hij zei: “Volgens mij ben jij hartstikke liberaal, ik zal je eens een boek meegeven. Dat was: De Fabel van de bijen van Bernard Mandeville.” Het interview neemt plots een andere wending en Loek Hermans geeft ons een kort college over dit boek. De strekking luidt: “De bij die het beste voor zichzelf zorgt, zorgt het beste voor de kooi.” Prachtig en geheel in het straatje van schrijvers dezes, maar was er toen al een doelbewuste keuze voor de politiek? “Ja, dat heb ik wel eens vaker verteld. In 1962 was ik elf jaar oud en liep door Arnhem met mijn moeder. In de kelder werd alles in gereedheid gebracht, want er was dreiging van een atoomoorlog! Dat heeft een enorme indruk op me achtergelaten. We hadden een zwart-wit televisie, één zender en we waren thuis heel erg van de actualiteiten. Mijn vader zat in de ambtenarij ten tijde van het Kabinet Den Uyl. In 1960-1970 vond er een enorme politieke wending plaats, het was een heel turbulente periode, met een groot verval van gezag. Dat speelde allemaal toen ik veertien, vijftien, zestien jaar was. Dat heeft veel invloed gehad. Ik dacht: “Daar gebeuren dingen, daar moet je bij zijn. Kortom: ik heb altijd graag de politiek in gewild.”

Over zijn studententijd zegt hij: “Het was in die tijd niet heel gebruikelijk, als VVD’er studeren in het rode Nijmegen. Maar dat maakte het natuurlijk extra interessant en als je dan in het rode politicologie nest terecht komt, dan gebeurt er wat. Ik heb volop van het studentenleven genoten en zeven jaar over mijn studie gedaan. Ik zeg altijd: ik heb er een gedegen opleiding van gemaakt. Na mijn studie ben ik een beetje in de politiek verzeild geraakt, vooral de jongerenpolitiek. Daar heb ik goed leren discussiëren. Op mijn 18e ben ik meteen actief lid geworden van de VVD.

Om verder in te gaan op de kloof tussen studie en het werkzame leven, vragen we hem hoe hij die kloof gedicht heeft? Hoe nam hij een kijkje in de keuken? Hij zegt hierover: “Ik liep in 1973 stage bij de Tweede Kamer fractie van de VVD en toen werd de faculteit bezet door eerstejaars.” Er waren in die tijd veel stakingen, bezettingen en conflicten op de universiteit. Op onze vraag hoe hij dan de politiek is in gerold, vervolgd hij. “Tijdens een van die stakingen zei Hans Wiegel plotseling: “Blijf gewoon hier, daar hoef je toch niet meer naar toe’. “Ik heb toen in een week tijd vijf tentamens gemaakt en ben een beetje ingelopen.” Daarnaast gaf ik les en in 1974 werd ik lid van de gemeenteraad in Nijmegen, waarna de stap naar lid van de Tweede Kamer in 1977 bijna vanzelfsprekend was.”

Nutteloosheid

Na dit succesverhaal vragen we ons met het schaamrood op de kaken af, of er (chique gezegd) ook plaats was voor nutteloosheid tijdens zijn studententijd? Hij antwoord: “Daar heb ik absoluut tijd voor gehad. Ik heb mijn eerste jaar totaal verknald en had een zeer intensief kroegleven. Ik zat ook bij een dispuut. Dit duurde de eerste twee á drie jaar, tot ongeveer 1972. Ik haalde met hakken over de sloot mijn propedeuse en had hele duels met mede studenten over gala dates.” Maar op de vraag of dit voor iedereen bij het studentenleven moet horen, zegt hij: “Ik heb die periode nodig gehad en het was ontzettend leuk, maar je moet het niet eindeloos volhouden. Het is niet erg om een periode wat minder actief te zijn voor je studie, maar probeer je ook hierbij te ontwikkelen.”

Met iets meer zelfvertrouwen vervolgen wij het gesprek, hoe denkt hij namelijk meer specifiek over buitenland plannen van studenten en een stukje maatschappelijke ontwikkeling buiten de studie? Hij zegt: “Ik vind dat daar tijd voor moet zijn, van mij hoef je dus niet in vier jaar af te studeren. Ga kijken hoe anderen over bepaalde dingen denken en pak ruimte, ga kijken wat er nog meer speelt in de wereld, ga bijvoorbeeld een milieubeweging in.”

Over studeren in het buitenland vervolgt hij fanatiek: “Je moet ook een half jaar in het buitenland studeren, hup wegwezen, een andere cultuur/omgeving leren kennen. En jezelf afvragen: hoe zit de wereld in elkaar? Doe die warme jas van je studententijd eens uit en ga in de kou staan. Dat zorgt ervoor dat je weerstand krijgt en dat is voor je latere carrière vreselijk belangrijk. Je kunt namelijk beter je kop stoten wanneer je 18 bent dan wanneer je 40 bent. Je kop stoten doe je toch; ga dus naar het buitenland en leer die cultuur, omgeving en taal kennen. Het maakt niet uit waar je heen gaat, als je maar naar het buitenland toegaat.” Typerend voor zijn passie en betrokkenheid bij dit onderwerp verteld hij wat hij hierover tegen zijn dochters zei: “Nou kennen jullie de wereldstad Drachten, ga nu eerst eens naar Amsterdam. Niet van Drachten naar Groningen, maar ga d’r uit… naar Amsterdam, Utrecht of zelfs Oostenrijk!”

Het is duidelijk dat Loek Hermans de overstap tussen studie en beroepspraktijk vrijwel vlekkeloos heeft gemaakt, maar hoe is hij bij een van zijn andere passies – het MKB – terecht gekomen?

HR stage van de week


Als stagiair ben je verantwoordelijk voor de planning, organisatie en communicatie van diverse projecten ter ondersteuning van het management, de recruiters en de marketingafdeling van Young Colfield. Kijk voor meer informatie bij de stage details.